jason-briscoe-amLfrL8LGls-unsplash

Macro economische prognoses en beursontwikkelingen

vrijdag 3 juli 2020

Door Leendert-Jan Visser en Patrick Zuijderwijk

Nu de eerste jaarhelft van 2020 achter de rug is, is het tijd om de economische balans op te maken. De corona pandemie heeft in de afgelopen maanden een zeer groot stempel gedrukt op het dagelijks leven van miljarden mensen over de hele wereld. Naast het menselijk leed dat de pandemie heeft veroorzaakt, is er ook een grote impact geweest op de wereldwijde economie. In de nieuwsbrief van april bespraken we een viertal scenario’s voor de economische ontwikkelingen in Nederland die door het Centraal Plan Bureau (CPB) zijn ontwikkeld.

Afgelopen week kwam het Internationaal Monetairs Fonds (IMF) met een prognose over de wereldwijde en Nederlandse economische ontwikkelingen. Het IMF voorspelt dat de Nederlandse economie in 2020 met 7,7% zal krimpen, hetgeen overeenkomt met de prognose van scenario 3 door het CPB in maart. Lichtpuntje is dat het CPB destijds bij dit scenario uitging van een magere groei van 2,0% in 2021, terwijl het IMF nu uitgaat van een forsere groei van 5,0% voor de Nederlandse economie in 2021. De Nederlandse economie wordt daarmee minder hard getroffen dan de economieën van de andere grote landen in Europa:

Economische krimp/groei (in %) van een aantal Europese landen in 2020 en 2021

Economische krimp groei

Voor de Eurozone rekent het IMF op een krimp van 10,2% (was 7,5%) in 2020 en een herstel van 6,0% (was 4,7%) in 2021. Kijken we naar de wereldwijde cijfers dan verwacht het IMF voor 2020 een wereldwijde economische krimp van 4,9% en een herstel in 2021 van 5,4%. Kijkend naar eerdere voorspellingen dan blijkt de impact van het coronavirus op de economische ontwikkelingen groter dan verwacht.

Toch zijn er ook wel wat lichtpuntjes. China lijkt er, in ieder geval op papier, wat beter voor te staan. Het tweede kwartaal verliep gunstiger dan in veel andere landen omdat de economie volgens het IMF begin april al weer op gang kwam. Ook zien we bijvoorbeeld in Duitsland deze week een sterk herstel van het ondernemersvertrouwen (IFO), waarbij we echter nog wel te maken hebben met een score die onder het neutrale niveau ligt (dus meer pessimisten dan optimisten).

Genoemde groeicijfers zouden waarschijnlijk een stuk slechter zijn geweest als de verschillende overheden niet zo adequaat waren opgetreden zoals ze nu hebben gedaan (=fiscale stimulering). Door middel van allerlei hulpprogramma’s zijn burgers en ondernemers financieel ondersteund en geholpen.

Uiteraard is de keerzijde van dit beleid dat de begrotingstekorten fors zijn opgelopen hetgeen zal resulteren in hogere staatsschulden, zowel dit als volgend jaar (zie onderstaande tabel waarbij links de begrotingstekorten staan weergegeven en rechts de staatsschulden, beide in een percentage van het BNP).

annex table 1

En naast het stimulerende beleid van overheden, hebben ook de centrale banken (= monetaire stimulering) zich niet onbetuigd gelaten. Met het creëren van geld heeft zij zichzelf de ruimte gegeven om de kredietverlening te stimuleren en obligaties op te kopen. Het heeft ertoe bijgedragen dat de financiële markten ‘gewoon’ bleven functioneren hetgeen de economie ten goede is gekomen.

cummulative central bank balance sheets

Bovenstaande grafiek laat zien wat de invloed is geweest van dit monetaire beleid in de achterliggende periode. In ongeveer 20 jaar tijd zijn de balansen van de grote centrale banken ruim 10 keer ‘zo groot’ geworden (het balanstotaal is gestegen van ongeveer $ 2.000 mrd naar ongeveer $ 21.000 mrd).

De keerzijde van dit monetaire beleid, waardoor al jarenlang de rentes tot zeer lage niveaus zijn gedaald, is de enorme toename van schulden. Zowel voor de private sector als de publieke sector zijn deze de laatste jaren substantieel gestegen. Sterker, vandaag de dag is er relatief veel extra schuld nodig om extra economische groei te realiseren. Daar waar vroeger een beleid van alleen het verlagen van de rente al toereikend was om de economie te stimuleren.

Hoe prettig het vangnet van centrale bankiers ook is in crisistijden, op lange termijn moet de economische groei gevoed worden door de groei van de arbeidsproductiviteit en de groei van de beroepsbevolking.

Wat dat betreft kunnen veel Westerse ondernemingen een voorbeeld nemen aan bedrijven uit Opkomende Economieën die relatief veel investeren in R&D om voortdurend nieuwe producten en diensten te ontwikkelen. Een gevolg van deze Coronacrisis zou wel eens kunnen zijn dat de Opkomende Economieën versneld aan kracht zullen winnen ten opzichte van de Westerse Economieën.Zoals in de vorige nieuwsbrief al vermeld, zijn de aandelenbeleggers de afgelopen periode al behoorlijk vooruitgelopen op de verwachting dat de economieën zullen gaan herstellen. In sommige sectoren, zoals de biotechnologie en bepaalde deelsectoren van de ICT, laten aandelenkoersen zelfs hogere niveaus zien dan voor de uitbraak van het Corona virus.

Mede gelet op de huidige ontwikkelingen in de economie, die meer wijzen op een (traag) economisch herstel in de vorm van een hockeystick en de recente ontwikkelingen van het aantal wereldwijde Corona besmettingen, blijven wij bij een (licht) onderwogen positie op aandelen.

Ook in de obligatiemarkten zien we dit herstel optreden, zij het in bepaalde delen van de markt. Zo zien we bijvoorbeeld dat de high yield obligaties en de obligaties van opkomende markten (emerging debt) nog achterblijven in resultaat. Ook de internationale vastgoedindices zijn nog niet hersteld van de tik die door de Coronacrisis is uitgedeeld. Gelet op het karakter van deze beleggingscategorie (onder andere winkelcentra, kantoorpanden) en de (blijvende) gevolgen van het virus voor sommige delen van deze sector, is meer dan eens van belang dat er een weloverwogen selectie wordt gemaakt van de vastgoedkeuze in beleggingsportefeuilles. Verderop in deze nieuwsbrief leest u meer over hoe wij hierin onze keuzes gemaakt hebben.

De onderstaande grafiek toont voor een deel het grote verschil van de resultaten tussen de verschillende Europese vastgoedcategorieën.

green street pan
Deel dit bericht via

Comfort Vermogensbeheer heeft een vergunning van de Autoriteit Financiële Markten (AFM), valt onder toezicht van De Nederlandsche Bank en is aangesloten bij de Beleggerscompensatieregeling (BCR), het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD) en Dutch Securities Institute (DSI).